Follow by Email

zaterdag 15 december 2012

WANDERBACH page 204


He pulls a jar with milk towards himself, takes a sip a wipes his mouth. Starving is impossible. Plenty, and no-one reacts because he serves himself. He decides to provoke.
- ‘Hello!’ he shouts, so loud that his lungs hurt.
No reaction. No-one seems to have heard it.
This is too much, and he walks towards the nearest group of Gods, wrings himself between and pokes someone’s side. No reaction. Harder! No reaction; slaps a Goddess her ass. No reaction. Squeezes her tits ... Only when he pulls a plate towards where someone just wants to eat from, something happens. The teased pulls the plate back without looking or manifest in some other way.
To become furious! Of course they know that he is here. Plates don’t shove by itself and Gods have feelings. Why should they otherwise copulate? This stoic way to be neglected is to become crazy. What will happen if he takes one of the Goddesses without asking? Shall she let that happen as well as if he doesn’t exist or will she resist? But that goes too far and to be honest he doesn’t dare either. He wants their attention, not their anger.
He walks towards a discussing small group that leans against the table, grabbing in pots and bowls they stuff themselves and snap to each other while chewing. That shameless that he wouldn’t even notice them normally but he wants to hear what they have to say to each other.
- ‘I tell you that that son of a bitch nicked my followers. Quite logic if you depend on worshipping your ancestors. He claims that he stood at the cradle of humanity and the twits follow.’ The speaker snorts indignant, ‘and this while I’m the oldest of us all. If someone stood at some cradle, it’s me!’ 

Hij trekt een kan melk naar zich toe, neemt een slok en veegt zijn mond af. Omkomen van honger of dorst is onmogelijk. Overvloed, en niemand reageert omdat hij zichzelf bedient. Hij besluit te provoceren.
- ‘Hallo!’ schreeuwt hij, zo hard dat zijn longen pijn doen.
Geen reactie. Niemand lijkt de schreeuw te hebben gehoord.
Dit gaat te ver, en hij loopt naar het dichtstbijzijnde groepje Goden, wringt zich ertussen en port iemand in de zij. Geen reactie. Harder! Geen reactie. Mept een Godin op de billen. Geen reactie. Knijpt in haar borsten ... Pas wanneer hij een bord naar zich toetrekt waar iemand juist een hap van wil nemen, gebeurt er iets. De geplaagde trekt het bord terug zonder opkijken of op een andere manier iets te laten blijken.
Om razend te worden. Natuurlijk weten ze dat hij er is. Borden schuiven niet vanzelf en gevoel hebben de Goden. Waarom zouden ze anders gemeenschap hebben? Dit stoïcijnse waarmee hij wordt genegeerd is om hels te worden. Wat zal er gebeuren als hij een van de Godinnen ongevraagd neemt? Zal ze dat ook laten gebeuren alsof hij niet bestaat of zal ze zich verzetten? Maar dat gaat te ver en eerlijk gezegd durft hij ook niet. Hij wil hun aandacht, niet hun woede.
Hij loopt naar een discusiërend groepje dat tegen de tafel leunt, graaiend in potten en schalen proppen ze voedsel naar binnen en snauwen naar elkaar terwijl ze hun eten vermalen. Zo ongegeneerd dat hij hen normaal links zou laten liggen maar hij wil weten wat ze elkaar te verwijten hebben.
- ‘Ik zeg je dat die klootzak mijn aanhang heeft gepikt. Nogal logisch als je het van voorouderverering moet hebben. Hij beweert dat hij aan de wieg van de mensheid staat en de minkukels volgen.’ De spreker snuift verontwaardigd. ‘En dan te bedenken dat ik het oudst ben van allemaal. Als er iemand ooit aan een wieg stond, ben ik het!’

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen