Follow by Email

maandag 14 mei 2012

WANDERBACH page 5


He is not afraid that the cat chooses them as prey. The wind blows her smell towards them, why the dogs were able to locate her. Besides there is the fire, and his companions spread the same scent as wolves what will keep her on distance. Still he reaches for his knife and unbuttons the holster. At the same time he warns the dogs; the fact that the cat has no chance doesn’t mean that she can’t use her sharp claws and teeth which can wound his animals, and also without that he has enough to worry about.
The lynx disappears silently in search for an easier prey.
As soon as the sun peaks over the ridge he blinks tired. It will be a hell of a day according to the early brightness. His muscles pulsate and even his bones feel like they want to give up. It is the least of his worries; he is aware of his own tough condition and after the acidification fades also today will bring them further in this grueling landscape.
For the last time he rekindles the fire to prepare their poor but nutritious breakfast from the first bar of squashed emergency rations. The dogs eat as if they never tasted something better, but he chews slowly to expel his fatigue.
After he packs the sleeping bag, extinguishes the fire and the belt with water-bottle and knife hangs around his waist, he buckles his backpack with reluctance and starts carefully the diagonal of chippings until he is back on the track to climb the first slope of the day much sooner then he would want to. Every muscle protests now they have to conquer gravity but he comforts himself by knowing that it will be easier after the first top.
It is not for the first time that he asks himself which brain twirl brings him again and again in this kind of situations. In stead of being nicely at home where water flees from the tap and the highest altitude is the stairs to the upper floor, he chooses voluntarily for a barely mapped part of the world, where a path seems nothing more then a narrow pebble trail, only recognizable because the vegetation is thinner.

Hij is niet bang dat de kat hen als prooi kiest. De wind blaast haar geur naar hen toe en stelde de honden in staat de lynx te lokaliseren. Bovendien zullen het vuur en zijn metgezellen, die dezelfde geur als wolven verspreiden, haar op afstand houden. Toch haalt hij het mes naar zich toe en knipt de drukknoop los zodat hij het onmiddellijk uit de schede kan trekken. Tegelijk maant hij de honden want al heeft de kat geen kans, haar scherpe klauwen en tanden zijn een garantie voor verwondingen als ze het tegen beter weten toch probeert, en ook zonder dat heeft hij moeilijkheden genoeg.
De lynx verwijdert zich stil en sluipt verder op zoek naar een gemakkelijker prooi.
Zodra de zon de eerste stralen over de voor hem liggende kam schiet knippert hij vermoeid. Het zal een helse dag worden. Hij ziet het aan het vroeg zinderende licht en voelt het aan zijn kloppende spieren die zo trillen dat zelfs zijn botten aanvoelen of ze het willen begeven. Toch maakt hij zich daarover de minste zorgen. Hij kent zijn taaie conditie en nadat de verzuring oplost zal ook deze dag hen verder brengen in dit afmattende landschap.
Voor het laatst rakelt hij het vuur op om een karig maar voedzaam ontbijt te bereiden uit de eerste reep samengeperst noodrantsoen.
De honden vreten of ze nooit iets beters hebben geproefd maar hij kauwt langzaam om de vermoeidheid te verdrijven.
Nadat de slaapzak is ingepakt, het vuur gedoofd en de riem met veldfles en mes weer rond zijn middel hangt, gespt hij vol tegenzin de rugzak om en begint met voorzichtige passen aan de diagonaal van steenslag tot hij weer op het pad staat om, veel sneller dan hij zou willen, de eerste helling te beklimmen.
Elke spier protesteert nu ze de zwaartekracht moeten overwinnen maar hij troost zichzelf met de gedachte dat het na de eerste klim gemakkelijker gaat.
Het is niet voor het eerst dat hij zich afvraagt welke kronkel hem telkens in dit soort situaties brengt. In plaats van rustig thuiszitten, waar het water uit de kraan stroomt en de grootste hoogte de trap naar de bovenetage is, kiest hij vrijwillig voor een nauwelijks in kaart gebrachte uithoek waar een pad niet meer blijkt dan een smal keienspoor, alleen te herkennen omdat de vegetatie dunner is. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen