Follow by Email

zaterdag 19 mei 2012

WANDERBACH page 12 (chapter 2)


He stretches. His body feels numbed after the long night rest and he has to force himself to get going. For a moment he considers a holiday but curiosity wins.
While the dogs utterly scout the area he breaks up their camp and clears as much as possible their tracks to leave the land unaffected. Then he hoists the rucksack, the pointy mountain stick in his right hand he goes on track, whistling upstream alongside the narrow river.
The terrain is so easy that it feels like if he walks on lawn. The tonus of young grass underneath heavy mountain shoes is beneficence for feet that still protest fatigued for the first mile. He is barely aware.
With a feeling of wonder he overlooks the surroundings which seem like a landscaped garden in the middle of rough mountains. On the other side of the river the vegetation makes the same impermeable impression as the narrow valley they defeated yesterday but over here a spacious meadow surrounded by forest that hides the slopes.
Increasingly broader the valley fans out, interrupted by grouped trees full of fruit: wild cherries, apples, nuts and berries which are inexplicable ripe all at once. A paradise and he amazingly stops to taste. The flavor summery sweet, the juicy fruits refresh and expel thirst at the same time. He hopes to follow this river for days before he has to cope again the unwilling nature they left yesterday.
They are at least seven miles far when he stops surprised.

2

Hij rekt zich uit. Zijn lijf voelt verdoofd na de lange nachtrust en hij moet zich dwingen op gang te komen. Even overweegt hij een rustdag maar nieuwsgierigheid wint.
Terwijl de honden uitgelaten de omgeving verkennen breekt hij het kamp op en wist zoveel mogelijk hun sporen om het landschap intact achter te laten. Dan hijst hij de rugzak, de puntige bergstok in de rechterhand gaat hij fluitend op weg, stroomopwaarts langs de smalle rivier.
Het terrein zo gemakkelijk dat het lijkt of hij over gazon loopt. De veerkracht van jong gras onder de zware bergschoenen is een weldaad voor voeten die de eerste kilometer nog vermoeid protesteren. Hij is zich er nauwelijks van bewust.
Met een gevoel van verwondering neemt hij de omgeving op die op een aangelegde tuin lijkt temidden van woeste bergen. Aan de overkant van de rivier maakt de beplanting een even ondoordringbare indruk als het smalle dal dat ze gisteren overwonnen maar hier bekruipt hem het gevoel van een uitgestrekte weide afgezoomd met bos dat de helling verbergt.
Steeds breder waaiert het dal, onderbroken door groepjes bomen vol fruit: wilde kersen, appels, noten en bessen die onverklaarbaar allemaal tegelijk rijp zijn. Een paradijs en hij blijft verwonderd staan om ervan te proeven. De smaak zomers zoet, de sappige vruchten verkwikken en lessen tegelijk de dorst. Hij hoopt dat hij de rivier nog dagenlang kan volgen voordat hij zich weer moet meten met de onwillige natuur die ze gisteren verlieten.
Ze zijn al zeker tien kilometer ver wanneer hij verrast blijft staan.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten