maandag 8 april 2019

Epos over de mens CXII


Al wie hen niet aanstaan laten zij vermoorden.
Tegenwoordig doden zij met woorden.
Onkuisheid geldt alleen als biechtgeheim,
sperma gebruiken ze als lijm
om kinderen en nonnen te paaien
die zij na het naaien zich vrolijk laten aborteren.
Zo hebben zij door alle eeuwen
meer leed gebracht dan wie dan ook
ondanks het gegoochel met witte rook
het beter weten en zalvend woordgebruik
trappen er nog altijd in deze goedgelovige fuik
die naast wat wereldlijke goede doelen
hun zieltjes vooral de hersens spoelen.

De jonge novice vond het smerig en vies
dat de oudere pater steeds dieper wroette.
Zij wilde wel boeten voor wat zij had misdaan
maar niet zo intiem met de kapelaan
die haar de biecht afnam.
Hij hijgde en zweette wat haar de adem benam
kon zij zich niet weren tegen de dienaar van god
waaraan ze haar maagdelijkheid beloofde
omdat zij in het instituut geloofde,
zelfs nog toen zij zwanger bleek en haar buikje groeide
was het juist de pater die haar daarom verfoeide.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten